Direct naar de inhoud
Alle modellen

Model

De Creatie-lemniscaat

Vier kanten van een opdracht die allemaal aandacht nodig hebben, anders wordt het duwen en trekken.

De Creatie-lemniscaat met de zij-, ik-, wij- en het-kantHet-kantVormkrachtWij-kantSamenwerkingskrachtIk-kantPersoonlijke krachtZij-kantVoedings- en verbindingskracht· Methoden· Instrumenten· Procedures· Teamsamenstelling· Samenwerking· Cultuur· Kernkwaliteiten· Commitment· Leiderschap· Wensen van de klant· Behoeften· Krachtenvelden

Waarvoor gebruik je het?

Kijken of een programma of project in balans is: zit er genoeg aandacht bij de omgeving, de mensen, het team én de methodiek?

Het principe van én-én

De Creatie-lemniscaat laat zien dat effectief programmamanagement zorgvuldige aandacht vraagt voor elk van vier domeinen: de zij-, ik-, wij- en het-kant. Een echt creatieproces gaat dan als vanzelf. Zijn de aspecten niet in balans, dan wordt het trekken en duwen en roepen 'dat het moet van de baas'.

De kunst is programma's te 'ont-moeten': ze leven in te blazen door mensen te stimuleren om te kiezen voor de dingen die ze echt willen, waardoor ze verantwoordelijkheid nemen voor de opdracht die ze hebben aangenomen.

De zij-kant geeft voedings- en verbindingskracht

Het creatieproces begint altijd bij de omgeving waarin het programma zich afspeelt. Deze kant geeft antwoord op het waarom, en levert de legitimatie. Het is de kant van de gebruikers en hun wensen, van de opdrachtgever en zijn vraag.

De zij-kant zorgt voor inbedding en voorkomt dat er energie wordt gestoken in resultaten waar niemand op zit te wachten. Maar hier zit niet alleen de voedende energie: ook de weerstand. Aandacht voor de zij-kant betekent ook verbinding met de mensen die géén belang hebben bij het programma, of soms zelfs strijdige belangen.

  • Wat is de directe aanleiding voor de opdracht?
  • Welk probleem moet worden opgelost?
  • In wat voor omgeving speelt het programma zich af?
  • Wie wil er wat met de uitkomsten, en wie zijn de sponsors?

De ik-kant geeft persoonlijke kracht

Motivatie en draagvlak worden bepaald door de mate waarin betrokkenen zich met het programma verbonden voelen. Hoe meer ruimte er is voor eigen inbreng, des te groter de inzet. Omgekeerd blijkt gebrek aan commitment een van de belangrijkste redenen waarom een programma uiteindelijk niet oplevert wat ervan verwacht wordt.

  • Kan ik mij verbinden met de doelstellingen van het programma?
  • Vanuit welke persoonlijke drijfveer wil ik bijdragen?
  • Hoe kan ik mijn kwaliteiten het best inzetten?
  • Hoe verhouden mijn kwaliteiten zich tot die van de andere teamleden?

De wij-kant geeft samenwerkingskracht

Samenwerking is een andere succes- of faalfactor. Het gaat om de samenstelling van het team, de manier waarop geïnvesteerd wordt in samenwerking, de cultuur in team en organisatie, de beschikbaarheid van de noodzakelijke competenties en de communicatie.

  • Hoe is de relatie van ons team met de opdrachtgever?
  • Durven we de opdrachtgever aan te spreken op zijn rol, en zijn wij aanspreekbaar op de onze?
  • Zijn verantwoordelijkheden en bevoegdheden goed belegd?
  • Hoe open is het klimaat in ons team, spreken we elkaar aan?

De het-kant geeft vormkracht

De het-kant gaat over de 'harde' methoden en technieken: planning, budgetten en begroting, beheersing en sturing. Aandachtspunten zijn risicoanalyses, voortgangsrapportages, het programmadossier en het contract. De het-kant zet de dingen concreet neer.

  • Is het programma helder gedefinieerd?
  • Is het plan concreet beschreven en gepland, met go/no-go-momenten?
  • Is er een goed kwaliteitsplan?
  • Zijn er goede afspraken over beheersen en sturen?

Vragen om te stellen

  • Welke van de vier kanten krijgt bij ons te weinig aandacht?
  • Waar zit de weerstand — en hebben we die in beeld?
  • Is er evenwicht tussen de kanten, of trekken we aan één kant?

Coppenhage, R. (2002). Creatieregie. Scriptumopzoeken

Werkvormen met dit model

Klopt er iets niet, of wil je iets kwijt over deze pagina?