Werkvorm
Naamkaartmixer
Vier hoeken op een kaartje, vier rondes mingelen — en je vindt telkens iemand die net iets meer op je lijkt.
- Tijd
- 20–30 min
- Groepsgrootte
- 8–30
- Ruimte
- Gewoon lokaal
- Energie
- Gemiddeld
Wanneer zet je dit in?
Vroeg in een meerdaagse training of kamp, als kennismaking die verder gaat dan naam en functie.
Voorbereiding
- Bedenk vier categorieën voor de vier hoeken, bijvoorbeeld hobby's, favoriete muziek, favoriete films, drie eigenschappen
Zo doe je het
- 1
Geef iedereen een kaartje. In het midden schrijft iedereen zijn naam; in elke hoek vier dingen bij één categorie.
- 2
Laat iedereen door de ruimte mingelen en, zonder te praten, elkaars linkerbovenhoek lezen.
- 3
Vraag iedereen de een of twee mensen te zoeken die het meest op hem lijken in die hoek, en daar even mee te praten.
- 4
Herhaal dit voor de andere drie hoeken.
Zo zeg je het
De instructie zoals je hem uitspreekt. Maak er je eigen woorden van, maar houd de volgorde aan: eerst in beweging, dan pas de details.
"Schrijf je naam in het midden van je kaartje. In de hoek linksboven schrijf je vier dingen die je graag doet. Rechtsboven vier favoriete artiesten. Linksonder vier favoriete films. Rechtsonder vier eigenschappen die jou beschrijven. Loop nu rond en lees, zonder te praten, alleen de hoek linksboven van anderen. Zoek dan één of twee mensen die het meest op jou lijken en praat daar even mee. Daarna doen we hetzelfde met de volgende hoek."
Nabespreken
Zonder nabespreking blijft een werkvorm een spelletje. Kies twee of drie vragen; ze hoeven niet allemaal.
- Bij welke hoek vond je de leukste match?
- Was er iemand bij wie je in meerdere hoeken overeenkwam?
Wat er mis kan gaan
Sommigen blijven de hele tijd bij dezelfde persoon hangen.
Spreek af dat niemand twee keer met dezelfde persoon in gesprek mag, om iedereen te laten rondgaan.
In de klas
Geschikt voor vanaf groep 7, en in het voortgezet onderwijs
Fijne, uitgebreide kennismaking voor het begin van een schooljaar of een nieuwe klas na de zomervakantie.
Past hier ook bij
Twee waarheden, één leugen
Drie zinnen over jezelf, en de groep moet raden welke ervan niet klopt.
De wind waait...
Eén zin die begint met 'de wind waait voor iedereen die...', en de hele kring komt in beweging.
De zon schijnt op…
In tien minuten weet de klas wat ze met elkaar gemeen hebben — en er wordt gerend.
Praktijkervaringen & Facilitatietips
Ervaringen en aanbevelingen van trainers, docenten en facilitators die deze werkvorm hebben ingezet.
Klopt er iets niet, of wil je iets kwijt over deze pagina?