Direct naar de inhoud
Alle werkvormen

Werkvorm

Interview om te begrijpen

Vragen die verhalen uitlokken in plaats van meningen — daar zit wat je nog niet wist.

Tijd
30–60 min
Groepsgrootte
2–30
Ruimte
Maakt niet uit
Energie
Rustig

Wanneer zet je dit in?

Aan het begin van elk vraagstuk waarin je iets wilt oplossen vóór anderen: leerlingen, ouders, collega's, bewoners.

Voorbereiding

  • Werk in tweetallen: één vraagt, één noteert
  • Bedenk vragen die om een verhaal vragen, niet om een oordeel

Zo doe je het

  1. 1

    Ga met z'n tweeën op interview: één stelt de vragen, de ander schrijft mee. Dat scheelt enorm — je kunt niet tegelijk luisteren en noteren.

  2. 2

    Vraag nooit naar 'meestal'. Vraag naar de laatste keer: 'vertel eens over de laatste keer dat je…'

  3. 3

    Vraag door op waarom, ook als je het antwoord denkt te weten.

  4. 4

    Let op tegenstrijdigheden tussen wat iemand zegt en wat iemand doet — daar zit vaak het interessantste.

  5. 5

    Let op non-verbale signalen: houding, aarzeling, emotie.

  6. 6

    Wees niet bang voor stilte. Wie ruimte krijgt, denkt door en zegt daarna iets wat hij eerst niet zei.

  7. 7

    Stel je vragen neutraal en suggereer geen antwoord.

Zo zeg je het

De instructie zoals je hem uitspreekt. Maak er je eigen woorden van, maar houd de volgorde aan: eerst in beweging, dan pas de details.

"Ik wil je graag wat vragen stellen over hoe jij dit ervaart. Er zijn geen goede of foute antwoorden — ik wil vooral verhalen horen. Als ik een keer stil ben, is dat omdat ik nadenk; neem gerust de tijd. Zullen we beginnen bij de laatste keer dat je…?"

Nabespreken

Zonder nabespreking blijft een werkvorm een spelletje. Kies twee of drie vragen; ze hoeven niet allemaal.

  • Wat verraste je het meest?
  • Waar zei iemand iets anders dan hij deed?
  • Welk verhaal blijft je bij, en waarom juist dat?

Wat er mis kan gaan

Je krijgt algemeenheden: 'meestal doe ik…'

Vraag naar één concrete keer. 'Vertel eens over de laatste keer' is de belangrijkste zin uit deze werkvorm.

Je vult de stiltes zelf in met een vervolgvraag.

Tel tot vijf voordat je iets zegt. Het ongemak is van jou, niet van de ander — en juist daarna komt het echte antwoord.

Je vragen sturen naar het antwoord dat je hoopt.

'Wat vind je van…' in plaats van 'vind je ook niet dat…'. Laat een collega je vragenlijst vooraf nalezen op sturing.

Variaties

  • Interview twee mensen tegelijk als het onderwerp gevoelig ligt — samen praat het makkelijker.

In de klas

Geschikt voor vanaf groep 7, en in het voortgezet onderwijs

Sterk bij onderzoekend leren en burgerschap. Laat leerlingen in tweetallen interviewen en oefen vooraf het verschil tussen een sturende en een open vraag.

Past hier ook bij

Praktijkervaringen & Facilitatietips

Ervaringen en aanbevelingen van trainers, docenten en facilitators die deze werkvorm hebben ingezet.

Ervaringen laden...

Klopt er iets niet, of wil je iets kwijt over deze pagina?