Direct naar de inhoud
Alle werkvormen

Werkvorm

Jouw droomklas

Van twee minuten hardop dagdromen naar een gezamenlijke poster van de klas die iedereen zou willen.

Tijd
40–60 min
Groepsgrootte
8–32
Ruimte
Gewoon lokaal
Energie
Gemiddeld

Wanneer zet je dit in?

Als visie-oefening over hoe de groep het liefst zou willen leren of samenzijn — individueel beginnend, dan gebundeld.

Voorbereiding

  • Verdeel de groep vooraf in viertallen en zet de tafels klaar
  • Schrijf de hulpvragen (doen, zien, gebruiken) op het bord

Zo doe je het

  1. 1

    Laat iedereen twee minuten in stilte dagdromen — nergens over in het bijzonder.

  2. 2

    Vraag individueel: wat maakt een klaslokaal fijn en leuk?

  3. 3

    Geef iedereen zijn eigen blad en laat hem met woorden en simpele tekeningen zijn droomklas verbeelden, geholpen door de vragen: wat kun je er doen, wat is er te zien, wat is er te gebruiken?

  4. 4

    Vorm viertallen en geef elk groepje een groot vel papier.

  5. 5

    Laat de groepjes hun individuele ideeën samenvoegen tot één gedeelde droomklas op het grote vel.

  6. 6

    Laat elk groepje zijn droomklas kort presenteren.

Zo zeg je het

De instructie zoals je hem uitspreekt. Maak er je eigen woorden van, maar houd de volgorde aan: eerst in beweging, dan pas de details.

"Doe je ogen twee minuten dicht en dagdroom — het maakt niet uit waarover. Denk daarna aan deze vraag: wat maakt een klaslokaal fijn en leuk voor jou? Je krijgt een blad om je droomklas te tekenen en te beschrijven — wat kun je er doen, wat zie je, wat gebruik je? Alles mag. Straks leggen we in groepjes van vier alle ideeën bij elkaar en maken we er met zijn vieren één droomklas van op dit grote vel."

Nabespreken

Zonder nabespreking blijft een werkvorm een spelletje. Kies twee of drie vragen; ze hoeven niet allemaal.

  • Welk idee uit jouw eigen tekening kwam terug in de groepsposter, en welk niet?
  • Wat zou er nu al, morgen, een beetje van kunnen worden waargemaakt?
  • Wat hebben alle droomklassen met elkaar gemeen?

Wat er mis kan gaan

Een leerling zegt niets te kunnen bedenken.

Gebruik de hulpvragen één voor één in plaats van de hele opdracht ineens: begin bij 'wat zou je hier het liefst doen?'

In het groepje neemt één leerling alle ideeën van de rest over.

Laat letterlijk elk individueel blad even op tafel liggen en vraag om van elk blad minstens één element mee te nemen naar de groepsposter.

Variaties

  • Sluit af met een gesprek over wat er, gegeven de echte kaders van de school, wél haalbaar zou zijn.
  • Gebruik knutselmateriaal om een deel van de droomklas als mini-maquette te maken in plaats van alleen te tekenen.

In de klas

Geschikt voor groep 3 t/m 8

Mooie opening voor een gesprek over inrichting of klassenregels bij het begin van het schooljaar — leerlingen voelen zich serieus genomen als hun droomklas-ideeën echt worden meegenomen.

Past hier ook bij

Praktijkervaringen & Facilitatietips

Ervaringen en aanbevelingen van trainers, docenten en facilitators die deze werkvorm hebben ingezet.

Ervaringen laden...

Klopt er iets niet, of wil je iets kwijt over deze pagina?