Direct naar de inhoud
Alle werkvormen

Werkvorm

Point of view

Vier zinnen die van een vage opdracht een scherp probleem maken.

Tijd
25–50 min
Groepsgrootte
3–24
Ruimte
Gewoon lokaal
Energie
Rustig

Wanneer zet je dit in?

Als je uit gesprekken en observaties komt en het vraagstuk moet formuleren voordat je gaat bedenken.

Voorbereiding

  • Zorg dat de groep het veldwerk gedaan heeft; dit is geen bureau-oefening.

Zo doe je het

  1. 1

    Vul samen vier zinnen aan: 'We spraken met…', 'Het verraste ons dat…', 'We vragen ons af of dit betekent dat…', 'Het zou alles veranderen als…'

  2. 2

    Beschrijf de persoon met kleur en detail, niet als categorie. Niet 'ouders', maar één ouder met een naam en een situatie.

  3. 3

    Kies als verrassing de waarneming die jóuw beeld het meest kantelde.

  4. 4

    Formuleer de laatste zin als richting, niet als oplossing.

  5. 5

    Toets: kan een buitenstaander deze vier zinnen lezen en snappen waar het over gaat?

Zo zeg je het

De instructie zoals je hem uitspreekt. Maak er je eigen woorden van, maar houd de volgorde aan: eerst in beweging, dan pas de details.

"We vullen vier zinnen in. Let op de eerste: beschrijf één concrete persoon, met detail. Niet 'leerlingen in de bovenbouw', maar 'Sam, die elke ochtend te laat komt omdat hij eerst zijn zusje wegbrengt'. En de laatste zin is een richting, geen oplossing — dus niet 'een app', maar wat er zou moeten veranderen."

Werkblad

Neem dit over op een flap of print de pagina — het lege raster is het gereedschap.

Werkblad point of view1We spraken met…beschrijf de persoon, met kleur en detail2Het verraste ons dat…de waarneming die je beeld kantelde3We vragen ons af of dit betekent dat…jouw interpretatie4Het zou alles veranderen als…de richting, nog zonder oplossing

Nabespreken

Zonder nabespreking blijft een werkvorm een spelletje. Kies twee of drie vragen; ze hoeven niet allemaal.

  • Snapt iemand die er niet bij was waar dit over gaat?
  • Zit er een oplossing verstopt in onze laatste zin?
  • Beschrijft de eerste zin een persoon of een categorie?

Wat er mis kan gaan

De laatste zin bevat al de oplossing.

Herschrijf 'het zou alles veranderen als er een app kwam' naar 'als deze ouder zonder te bellen zou weten hoe het gaat'. De richting mag, de oplossing niet.

De persoon is een demografie geworden.

Vraag om een naam en een concrete situatie. Voor 'ouders van 35 tot 50' kun je niet ontwerpen; voor Sam wel.

Variaties

  • Laat meerdere groepjes een eigen point of view formuleren en kies er samen één.

In de klas

Geschikt voor vanaf groep 7, en in het voortgezet onderwijs

Werkt goed bij ontwerpopdrachten en maatschappijleer. De eis om één concrete persoon te beschrijven, voorkomt dat leerlingen voor 'iedereen' ontwerpen.

Past hier ook bij

Praktijkervaringen & Facilitatietips

Ervaringen en aanbevelingen van trainers, docenten en facilitators die deze werkvorm hebben ingezet.

Ervaringen laden...

Klopt er iets niet, of wil je iets kwijt over deze pagina?