Direct naar de inhoud
Alle werkvormen

Werkvorm

Situatie-opstelling

Iemand zet zijn werksituatie letterlijk in de ruimte neer — en voelt meteen waar het wringt.

Tijd
30–60 min
Groepsgrootte
5–15
Ruimte
Grote ruimte
Energie
Rustig

Wanneer zet je dit in?

Bij intervisie of coaching, als iemand een situatie inbrengt die hij niet helemaal kan verwoorden.

Voorbereiding

  • Maak de ruimte leeg genoeg om mensen echt te kunnen neerzetten.

Zo doe je het

  1. 1

    Laat een deelnemer een werksituatie inbrengen die hem bezighoudt.

  2. 2

    Laat de inbrenger uitleggen welke actoren erbij betrokken zijn. Kies vrijwilligers om die actoren te spelen en laat de inbrenger ze in de ruimte neerzetten.

  3. 3

    Stel de inbrenger vragen: waar sta jij ten opzichte van de anderen? Laat hem die plek ook fysiek innemen.

  4. 4

    Vraag door: wat maakt dat je daar staat? Wat doet dat met je? Wat voel je?

  5. 5

    Vraag waar hij zou willen staan en laat hem die positie innemen. Wat doet dát met je? Wat heb je daarvoor nodig?

  6. 6

    Werk als begeleider niet te hard. Door de posities in te nemen gebeurt er al veel; laat de inbrenger verwoorden wat hij merkt.

Zo zeg je het

De instructie zoals je hem uitspreekt. Maak er je eigen woorden van, maar houd de volgorde aan: eerst in beweging, dan pas de details.

"Vertel eens wie er allemaal bij deze situatie betrokken zijn. … Goed. Kies uit de groep iemand die die persoon even wil zijn. Zet ze nu neer in de ruimte, zoals het voor jou voelt: dichtbij, veraf, met de rug ernaartoe — wat klopt. … En waar sta jij zelf? Ga daar maar staan. Neem even de tijd. Wat merk je hier?"

Nabespreken

Zonder nabespreking blijft een werkvorm een spelletje. Kies twee of drie vragen; ze hoeven niet allemaal.

  • Wat viel je op toen je op je eigen plek stond?
  • Wat veranderde er toen je de gewenste positie innam?
  • Wat heb je nodig om die stap in het echt te zetten?
  • Aan de actoren: hoe was het om daar te staan?

Wat er mis kan gaan

De begeleider gaat interpreteren en duiden.

Stel alleen vragen en laat de inbrenger zelf betekenis geven. Jouw interpretatie is bijna altijd de jouwe, niet die van hem.

De inbrenger wordt geëmotioneerd.

Laat de stilte vallen en vraag of hij door wil. Rond netjes af door de actoren uit hun rol te halen: 'jij bent weer gewoon Karin'.

Variaties

  • Laat de actoren aan het eind in één zin zeggen hoe het was om daar te staan.

In de klas

Niet zonder aanpassing geschikt voor leerlingen

Voor leerlingen te ingrijpend; dit vraagt een begeleider met ervaring in opstellingen. In een lerarenteam of bij intervisie is het wél sterk.

De werkvorm raakt snel aan persoonlijke gevoelens en vraagt om ervaren begeleiding.

Past hier ook bij

Praktijkervaringen & Facilitatietips

Ervaringen en aanbevelingen van trainers, docenten en facilitators die deze werkvorm hebben ingezet.

Ervaringen laden...

Klopt er iets niet, of wil je iets kwijt over deze pagina?