Direct naar de inhoud
Alle werkvormen

Werkvorm

Dilemmagesprek

Een verhaal zonder goed antwoord — en een groep die merkt dat ze het oneens is met zichzelf.

Tijd
25–50 min
Groepsgrootte
6–30
Ruimte
Gewoon lokaal
Energie
Rustig

Wanneer zet je dit in?

Bij morele vorming, burgerschap of na een incident: als je wilt dat mensen leren afwegen in plaats van meteen oordelen.

Voorbereiding

  • Schrijf een dilemma waarbij beide keuzes iets kosten — geen keuze tussen goed en fout
  • Bedenk drie doorvraagvragen die het dilemma aanscherpen

Zo doe je het

  1. 1

    Vertel het verhaal en eindig bij de keuze. Geef geen hint welke kant jij op zou gaan.

  2. 2

    Laat iedereen individueel kiezen en de keuze opschrijven, met één argument.

  3. 3

    Inventariseer de verdeling zonder discussie: wie kiest A, wie kiest B?

  4. 4

    Laat een paar mensen van beide kanten hun argument geven. Vraag door: wat kost jouw keuze?

  5. 5

    Scherp het dilemma aan met een extra gegeven — 'en wat als het je broer was?' — en laat opnieuw kiezen.

  6. 6

    Sluit af zonder oordeel: wat maakte dit moeilijk?

Zo zeg je het

De instructie zoals je hem uitspreekt. Maak er je eigen woorden van, maar houd de volgorde aan: eerst in beweging, dan pas de details.

"Ik vertel een verhaal en aan het eind moet er gekozen worden. Er is geen goed antwoord — allebei de keuzes kosten iets, en dat is precies waarom we het bespreken. Luister eerst, dan schrijf je voor jezelf op wat jij zou doen en waarom. Nog niet praten."

Nabespreken

Zonder nabespreking blijft een werkvorm een spelletje. Kies twee of drie vragen; ze hoeven niet allemaal.

  • Wat kost jouw keuze — wie of wat verliest erdoor?
  • Wat had er anders moeten zijn om je van gedachten te laten veranderen?
  • Wie is er verschoven toen ik het gegeven toevoegde, en waarom?
  • Wat maakte dit dilemma moeilijk?

Wat er mis kan gaan

Iedereen kiest hetzelfde en het gesprek stokt.

Je dilemma is geen dilemma maar een quiz. Scherp het aan met een gegeven dat de andere kant zwaarder maakt — daar heb je die extra stap voor.

Het wordt een debat waarin mensen elkaar willen overtuigen.

Verplaats de vraag van 'wie heeft gelijk' naar 'wat kost jouw keuze'. Die vraag kan niemand winnen en levert het echte gesprek op.

Iemand voelt zich veroordeeld om zijn keuze.

Grijp meteen in en herhaal dat er geen goed antwoord is. Vraag de criticus wat zíjn keuze kost — dat maakt het meteen wederzijds.

Variaties

  • Laat groepjes zelf een dilemma schrijven voor een ander groepje.
  • Combineer met vier hoeken: elke hoek een andere afweging.
  • Speel het dilemma uit als kort rollenspel voordat je bespreekt.

In de klas

Geschikt voor groep 6 t/m 8

Kern van burgerschapsonderwijs. Gebruik dilemma's die dicht bij de leerlingen liggen — vals spelen, een geheim bewaren, iemand verraden — en niet de klassieke filosofische puzzels.

Past hier ook bij

Praktijkervaringen & Facilitatietips

Ervaringen en aanbevelingen van trainers, docenten en facilitators die deze werkvorm hebben ingezet.

Ervaringen laden...

Klopt er iets niet, of wil je iets kwijt over deze pagina?